Gelezen: Column Rosanne Hertzberger in NRC 22 januari 2026
Op 8 januari 2026 publiceerde NRC haar column onder de kop “Nederland zal als allerlaatste afscheid nemen van de oude wereld”. Daarin: “Zijn opvolgers bij VVD, D66 en CDA zitten al klaar aan de formatietafel om die lange Nederlandse pragmatische traditie van ruggengraatloosheid voort te zetten.”
Ik gaf daarop als commentaar op LinkedIn: “Zo spreekt ze van “lange Nederlandse pragmatische traditie van ruggengraatloosheid”. Waar was haar ruggengraat toen ze ging meedoen in de regering-Wilders? Iets met splinter en balk?”
In haar column van 22 januari on derde kop “NSC en de staatsrechtelijke modderpoel” gaat Hertzberger daar (impliciet) op in. Ze bekent, nog wat omfloerst, dat ze fout zat en inderdaad gebrek aan ruggengraat toonde, met name met de wetgeving over strafbaarstelling van illegaliteit:
“Daar was ik zelf mede voor verantwoordelijk. Als Kamerlid voor Nieuw Sociaal Contract heb ik ook ingestemd met het kabinet-Schoof. NSC was tegen de strafbaarstelling illegaliteit en zo stond het ook in het Hoofdlijnenakkoord. Maar dat bleken slechts woordjes.
Ondertussen kwamen dankzij ons partijen en bewindspersonen aan de macht met een ronduit gevaarlijke ideologie. NSC probeerde dat met teksten als die in de rechtsstatelijke basislijn te beteugelen. Maar het was roekeloos. Het probleem zat in de geest, niet in de letter.”
Ze stapte uit de fractie, keerde terug, probeert wat goed te parten, maar onder de streep: “Hoe kon dat gebeuren? Hoe kon een partij met ogenschijnlijke nobele doelen en goede mensen zo mislukken?”
NSC, goede mensen…